Hondenverzekering voor kleine hond wat zijn de beste opties en dekking?

Geschreven door

in

Hondenverzekering voor kleine hond wat zijn de beste opties en dekking?

Je kleine viervoeter is natuurlijk veel meer dan alleen een maatje. Het is je wandelmaatje, je kroelkonijn en de held van de buurt. Omdat hij (of zij) zo compact is, denk je misschien dat de kosten voor de dierenarts ook wel meevallen. Helaas werkt dat in de praktijk vaak anders. Grote honden hebben misschien meer eten nodig, maar kleine honden hebben vaak specifieke, dure kwaaltjes. Een hondenverzekering is daarom voor een kleine hond minstens zo belangrijk, zo niet belangrijker. Laten we eens kijken hoe je de beste keuze maakt zonder hoofdpijn te krijgen van alle voorwaarden.

Waarom kleine honden een speciale verzekering verdienen

Het is een fabeltje dat kleine honden nooit wat mankeren. Integendeel. Hun kleine lichaampjes zitten soms ingewikkeld in elkaar en dat levert specifieke problemen op. De premie voor een kleine hond begint vaak laag, soms rond de €13 per maand voor een basisdekking. Dat komt doordat ze minder narcosemiddel nodig hebben bij een operatie. Dat is fijn voor de portemonnee, maar het betekent niet dat je klaar bent.

De echte valkuil zit ’m in de zaken die specifiek zijn voor kleine rassen. Denk aan Chihuahuas, Jack Russells of Dwergpoedels. Bij deze rassen komt **patella luxatie** (een losse knieschijf) veel voor. Een operatie kost al snel tussen de €800 en €2.000. Dan is het fijn als je verzekering niet alleen de operatie dekt, maar ook de fysiotherapie erna. Kijk dus scherp naar de dekking voor Beweegzorg, want dat lang niet alle verzekeraars dit standaard doen.

Ook **tandproblemen** zijn een drama bij kleine honden. Hun kiezen zitten dicht op elkaar en dat leidt tot veel tandplak en tandsteen. Een gebitsreiniging met het trekken van een kies kan zo oplopen naar €400 tot €600. De meeste basisverzekeringen dekken dit helaas niet. Je zult echt een aanvullende module moeten overwegen, anders betaal je dit volledig zelf.

Het basispakket: wat moet er minimaal inzitten?

Als je een verzekering afsluit, wil je weten wat je krijgt. Het basispakket is het startpunt. Dit dekt eigenlijk alleen ongelukken en plotselinge ziektes. Denk aan een gebroken poot na een val of een vervelende buikgriep.

Let hier goed op twee dingen: het percentage en het maximum bedrag. Veel verzekeraars vergoeden 80% of 90% van de rekening. Dat klinkt goed, maar ze plakken er vaak een maximum aan vast. Stel, je verzekering dekt tot €1.000 per jaar. Als je hond een dure operatie van €2.000 nodig heeft, krijg je maximaal €800 (bij 80% dekking) en blijft er €1.200 aan eigen kosten over.

  Hondenverzekering claim te langzaam wat te doen en wat zijn de opties?

Voor kleine honden met hun specifieke risico’s raad ik een hoger maximum aan. Kijk naar verzekeraars die minimaal €3.000 tot €5.000 per jaar uitkeren voor medische kosten. Dat voelt als een veilige buffer.

De aanvullende modules die je écht nodig hebt

Zoals gezegd zijn de basisverzekeringen vaak mager. Voor een kleine hond zijn aanvullende modules niet luxe, maar een must-have. De drie belangrijkste zijn: gebitszorg, preventieve zorg en castratie/sterilisatie.

Bij **gebitszorg** zie je grote verschillen. Figo en Univé springen er positief uit met een dekking van rond de €500. Univé dekt bijvoorbeeld €500 aan behandelingen en geeft ook €100 voor preventieve controle, maar hanteert wel een eigen bijdrage van 20%. PetSecur zit vaak lager (rond €275) en rekent soms een extra eigen risico specifiek voor deze module. Kies je voor een goedkope verzekering zonder deze module? Dan sta je bij de dierenarts alsnog voor een onaangename verrassing.

Dan is er nog de **preventieve zorg**. Dit is vaak een aparte module die vaccinaties, ontworming en vlooienbestrijding dekt. Handig, want dit loopt flink op. Univé biedt hier €100 per jaar voor. Ook castratie of sterilisatie zit standaard vaak niet in de basis. Sommige verzekeraars, zoals Dierenverzekering.nl, bieden dit aanvullend aan met een maximaal bedrag van rond de €150. Vooral voor teefjes is een gesloten verzekering handig voordat ze loops worden.

Overigens, als je hond een kruising is, kunnen de regels iets anders zijn. Kijk voor de zekerheid even naar het specifieke artikel over de hondenverzekering voor kruising. De basisprincipes zijn hetzelfde, maar er zijn kleine nuances.

De financiële valkuil: Eigen Risico versus Eigen Bijdrage

Dit is het stukje waar veel mensen later spijt van krijgen. Ze kijken alleen naar de lage maandprijs, maar niet naar de kleine lettertjes. Er zijn twee manieren waarop verzekeraars geld van je terugvragen: Eigen Risico en Eigen Bijdrage.

**Eigen Risico** is een vast bedrag dat je één keer per jaar betaalt voordat de verzekeraar begint met betalen. Stel je hebt €50 eigen risico. De eerste rekening betaal je dus zelf. De volgende rekeningen in datzelfde jaar zijn dan “vrij”. Sommige verzekeraars, zoals OHRA, doen dit per jaar. Andere verzekeraars doen het per gebeurtenis. Dat kan flink oplopen als je pech hebt. Je kunt vaak kiezen voor een hoger eigen risico om je maandpremie te verlagen. Dit kan soms 30% schelen. Slim, maar alleen als je geld achter de hand hebt.

  Hondenverzekering volwassen hond wachttijd wat is het en hoe lang duurt het?

**Eigen Bijdrage** is iets anders en sluipender. Dit is een percentage dat je bij elke rekening zelf betaalt, bovenop het eigen risico. Stel, je hebt 20% eigen bijdrage en de rekening is €500. Na het betalen van je eigen risico (zeg €50), betaal je nog €100 (20% van €500) zelf. De verzekering betaalt €350.

Een verzekering met een premie van €15 per maand heeft vaak een eigen bijdrage van 40% of 50%. Als je hond een rekening van €1.500 krijgt (patella operatie), ben je bij een 50% eigen bijdrage alsnog €750 kwijt. Tel daar het eigen risico bij op en je bent bijna €800 lichter. Terwijl een duurdere verzekering met €25 premie maar 20% eigen bijdrage vraagt, ben je in dat geval veel minder kwijt. Zoek dus naar de balans.

Dingen die je echt moet checken voor je akkoord gaat

Er zijn een aantal praktische zaken die je even snel moet controleren. Dit voorkomt teleurstellingen later.

Ten eerste de **wachttijd**. Dit is de periode na het afsluiten van de verzekering waarin er nog niets wordt vergoed. Voor ziektes is dit meestal 30 dagen. Ongevallen zijn vaak direct gedekt vanaf dag 1. Sluit je de verzekering af terwijl je hond al last heeft van zijn pootje? Dan is dat niet gedekt. Dit heet een “bestaande klacht”.

Ten tweede de **leeftijd**. Je kunt een verzekering meestal afsluiten tot een bepaalde leeftijd, vaak 7 jaar. Daarna is het vaak te laat. Figo is hier een uitzondering op en heeft geen maximale instapleeftijd. Eenmaal verzekerd, loopt de polis vaak levenslang door. Dus hoe jonger je begint, hoe beter (en goedkoper).

Ten derde de **vrije dierenartskeuze**. Dit is essentieel. Sommige verzekeraars werken met vaste netwerken. Als je vertrouwde dierenarts daar niet in zit, krijg je misschien minder uitgekeerd of moet je voor specialistische zorg ver reizen. Zorg dat je vrijheid hebt om naar de beste arts te gaan.

Dit geldt overigens ook voor grotere honden. Wil je weten hoe dat verschilt? Kijk dan even bij het artikel over de hondenverzekering voor grote hond. Daar gaat het vaak meer over heupdysplasie en andere aandoeningen.

Maar hoe vergelijk je dit nu in de praktijk?

Het gaat er uiteindelijk om wat je maximaal kwijt kunt zijn. Noem het de ‘Total Cost of Ownership’. Reken even met ons mee.

  Hondenverzekering niet vergoed wat te doen en wat zijn de opties?

Stel, je neemt de goedkoopste verzekering. Premie: €14 per maand (€168 per jaar). Je hebt €100 eigen risico en 50% eigen bijdrage. Je hond heeft een operatie van €1.200 nodig.

* Eerst betaal je €100 eigen risico. * Van het restant (€1.100) betaal je 50% zelf: €550. * De verzekering betaalt €550. * Jij bent in totaal €650 kwijt aan deze operatie. * Je totale kosten voor dat jaar zijn €650 + €168 premie = €818.

Stel, je neemt een duurdere verzekering. Premie: €26 per maand (€312 per jaar). Je hebt €50 eigen risico en 20% eigen bijdrage.

* Eerst betaal je €50 eigen risico. * Van het restant (€1.150) betaal je 20% zelf: €230. * De verzekering betaalt €920. * Jij bent in totaal €280 kwijt. * Je totale kosten voor dat jaar zijn €280 + €312 premie = €592.

Zie je het verschil? De ‘dure’ verzekering was in dit scenario bijna €250 goedkoper. Dit is de kracht van een goed vergelijk. Helaas is het niet bij elke situatie zo makkelijk. Soms is het echt zo dat de goedkoopste verzekering voor een jonge hond zonder problemen prima is. Maar voor de hond die pech heeft, is het een riskante gok.

Overigens is het bij hondenverzekering voor gevaarlijke hondenrassen vaak nog ingewikkelder. Die groep heeft vaak te maken met extra uitsluitingen of veel hogere premies, simpelweg vanwege het risico op schade. En voor wie een hond voor werk gebruikt, zoals bij hondenverzekering voor werkhond komt kijken, zijn er vaak speciale regelingen omdat die honden intensiever worden belast.

Het slimme moment om te starten

De beste tijd om een verzekering af te sluiten is zodra je pup in huis is. Op dat moment is de hond nog jong en gezond. De premie is laag en er zijn nog geen uitsluitingen voor bestaande aandoeningen. Wacht je te lang? Dan loop je het risico dat er iets gebeurt waardoor je hond niet meer verzekerd kan worden, of dat de verzekering die specifieke aandoening uitsluit.

Een verzekering is niet verplicht. Maar een onverwachte rekening van €1.500 kun je vaak niet zomaar betalen. Zorg dat je beschermd bent. Kies je verzekering niet alleen op de goedkoopste premie, maar op wat je hond echt nodig heeft. Dan loop je bij de volgende dierenartsbezoek niet voor een verrassing te staan.

]]>

Reacties

Geef een reactie

Je e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *